Natuur en milieu

Editie 11 - Maart 2016

Samen voor een gezondere natuur

Op het platteland barst het van de mooie natuur. Sloten, bloemrijke oevers, heggen, houtwallen, kleine bosjes en uitgestrekte graslanden die het broedgebied zijn van weidevogels als de grutto en de kievit. Sinds kort ligt het beheer van deze natuur in handen van agrarische collectieven.

Bekijk in het magazine

Veel agrariërs zijn niet alleen trots op hun onderneming, maar ook op het mooie landelijke gebied waarin hun bedrijf ligt. Gelukkig leveren zij al jaren een bijdrage aan het behoud van de natuur in dit gebied. Ze onderhouden bijvoorbeeld knotwilgen en houtwallen of houden rekening met het broedseizoen van weidevogels.

Samen is voordeliger

Sinds begin dit jaar is het agrarisch natuurbeheer geregeld via zogenaamde collectieven. Waar boeren voorheen individueel afspraken maakten met de provincie, zoeken zij nu elkaar op. Dit heeft een aantal voordelen. Als je met een groep agrariërs de natuur in een bepaald gebied beheert, is het bijvoorbeeld gemakkelijker om taken te verdelen en eventuele gaten op te vangen. Samen heb je bovendien meer kennis van het gebied en voel je meer verantwoordelijkheid en betrokkenheid. Doordat het natuurbeheer niet meer ‘versnipperd’ gebeurt, is het ten slotte een stuk efficiënter.

Meer aandacht voor water

In het nieuwe vorm van natuurbeheer is er nu ook aandacht voor de sloten. Goede waterkwaliteit is immers van groot belang voor planten én dieren die in of nabij de sloot leven. Daarbij komt dat het water onlosmakelijk verbonden is met het gebied. Het was dus niet meer dan logisch om water ook in het collectief natuurbeheer op te nemen.

7 gebieden

De in totaal 7 collectieven variëren in het aantal aangesloten agrariërs. Maar hun doel is hetzelfde: samen op een efficiënte manier de natuur beheren en zorgen dat deze nog gezonder wordt.

Levendige boerensloot

Annette van Schie is beleidsadviseur bij Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden. Het waterschap heeft veel contact met de boeren in de collectieven. Van Schie hierover: ‘In ons werkgebied zijn heel veel boerensloten. Een goede reden om samen met agrariërs aan de kwaliteit van het water te werken. Dat betekent: minder meststoffen in de sloot en voorwaarden creëren voor een grote variatie aan planten en dieren in en om de sloot.’

Niet uitbaggeren, maar zuigen

‘De levendige boerensloot is een gezamenlijk doel van het waterschap en de collectieven,’ gaat Van Schie verder. ‘Boeren pakken het onderhoud van sloten nu anders aan dan voorheen. In plaats van de sloot elke 10 jaar helemaal uit te baggeren, gebruiken zij nu de baggerspuit: eens in het jaar trekt de boer daarbij een sleuf in het midden van de sloot om daar bagger uit te zuigen. Zo blijft de hele sloot diep genoeg en is er minimale schade voor planten en dieren. De winst voor de boer is dat de bagger dient als bemesting en beregening van het land. Bij het maaien houden boeren verder meer rekening met de planten. Die worden niet meer met wortel en al uit de sloot gehaald.’

Werken vanuit vertrouwen

‘We stellen geen strikte regels, maar werken vanuit vertrouwen en goed overleg. Het resultaat: de collectieven in ons werkgebied pakken het waterbeheer op. Daar zijn we trots op. En dit is nog maar het begin! Er liggen veel kansen voor de collectieven om ook andere wateruitdagingen op te pakken,’ besluit van Schie.

Weidevogels goed beschermd

Cees Overbeek is voorzitter van het collectief Lopikerwaard. Dit collectief houdt zich veel bezig met weidevogelbeheer. Overbeek: ‘Er leven veel weidevogels in dit gebied. Natuurlijke vijanden als kraaien komen er nauwelijks voor doordat het een open gebied is waar amper hoge bomen staan. Gevaar is er wel van agrarische activiteiten, maar de boeren houden goed rekening met de vogels.’

Later maaien

‘Op sommige plekken houden agrariërs hun land natter en stellen ze het maaien in het voorjaar uit. Zo kunnen de eieren die op het land liggen nog uitkomen en kunnen jonge pullen er leven voordat ze uitvliegen. Het oudere gras bevat wel minder eiwitten, terwijl dat een belangrijke voedingsstof is voor het vee. De boer krijgt daarvoor een financiële compensatie.’

Goed natuurbeheer blijft gegarandeerd

‘Ons collectief bestaat uit 200 agrariërs. Er is een goede wisselwerking tussen ons bestuur en de deelnemers en er is veel draagvlak. Als er iemand stopt met de natuuractiviteiten, kunnen we zorgen dat een ander het snel oppakt. Zo kunnen we de resultaten blijven garanderen.’

Een nog mooiere Lopikerwaard

‘Het was best een karwei om tot goede afspraken te komen. Er zijn veel regels, ook vanuit Brussel, en de administratie is omvangrijk. Met de provincie waren we continu goed in gesprek. Dat was erg prettig. Samen gaan we de Lopikerwaard nog mooier maken!’