Natuur en milieu

Editie 3 - Juli 2014

Werken aan een robuust natuurnetwerk

Utrecht kent een lange traditie van agrarisch natuurbeheer. Jarenlang zetten agrariërs en vrijwilligers zich al in om weidevogels te beschermen, bloemrijke slootkanten te onderhouden en karakteristieke landschapselementen te beheren. De resultaten zijn wisselend. Reden voor de provincie om samen met haar partners het natuurbeheer vanaf 2016 anders vorm te gaan geven.

Bekijk in het magazine

Agrarisch natuurbeheer vanaf 2016: robuust en collectief

In 2013 kwam het agrarisch natuurbeheer landelijk negatief in de publiciteit omdat er te weinig resultaat werd geboekt ten opzichte van de investeringen die overheden deden. Daarom krijgt het agrarisch natuurbeheer vanaf 2016 een nieuwe vorm. Belangrijk is dat het agrarisch natuurbeheer bijdraagt aan een robuust natuurnetwerk. Dit betekent dat we het beheer meer geconcentreerd gaan uitvoeren en dat we hogere eisen stellen aan de kwaliteit van het beheer.

Ook gaan we goed kijken naar de mogelijkheden om meer samenhang te krijgen met andere doelen, bijvoorbeeld voor water. Organisatorisch verandert er ook een en ander. Nu heeft de provincie nog contracten met honderden individuele deelnemers. Vanaf 2016 hebben wij nog enkele contracten met agrarische collectieven. Zij regelen de contracten met de individuele deelnemers. En ze werken samen met andere partijen in het gebied, waaronder de natuur- en landschapsorganisaties en de waterschappen.

De provincie bepaalt de meest kansrijke gebieden in overleg met de collectieven, omdat deze de lokale situatie kennen. De nieuwe werkwijze levert zowel een robuust natuurnetwerk als een sterk netwerk tussen de agrariërs op.

‘Bloemrijke akkerranden zijn niet alleen voor de sier, ze trekken ook insecten en vogels aan’

Henk Davelaar, voorzitter Agrarische Natuurvereniging Vallei Horstee: “Ons collectief, Utrecht-Oost, kent heel andere projecten dan Lopikerwaard. Wij zaaien bloemrijke akkerranden in, doen aan duurzaam bodembeheer en beschermen boerenerfvogels, zoals uilen en zwaluwen. Oeverzwaluwen broeden in zandbulten, ze nestelen zich erin door er een gat in te boren. De opening van de A12 naar de A30 op de Veluwe moest destijds worden uitgesteld omdat er 70 tot 80 zwaluwbroedsels in de zandbult zaten. In ons voorstel naar de provincie komen de bloemrijke akkerranden weer terug. Het is niet alleen een maatschappelijk zeer gewaardeerd project, maar heeft ook een natuurlijke meerwaarde. De bloemen trekken insecten en vlinders aan, en die lokken op hun beurt weer verschillende soorten akkervogels. Wij zijn nu bezig met de gebiedsofferte, uiteindelijk moet de provincie goedkeuren of het past binnen haar doelstellingen. Ik denk dat de nieuwe werkwijze veel efficiënter is dan de huidige manier van werken. Nu gaat er veel geld naar bureauwerk, naar controle op de regeling. Bij het indienen van een collectief voorstel heb je een zelfregulerende werking. Hierdoor komt meer geld ook echt terecht op de plek waarvoor het is bedoeld.”

‘Door het agrarisch natuurbeheer te bundelen kunnen we professioneler bezig zijn’

Kees Overbeek, voorzitter Agrarische Natuurvereniging Lopikerwaard: “Voor onze vereniging verandert er niet heel veel, we werken al langer als collectief. Een groot deel van onze leden doet mee met agrarisch natuurbeheer. In de Lopikerwaard gaat het vooral om de bescherming van weidevogels. Onder meer door met maaien rekening te houden met de broedperioden, maar bijvoorbeeld ook door delen van weilanden onder water te zetten (plasdras). Vogels rusten en schuilen in het drassige gedeelte. Ook vinden ze hun voedsel gemakkelijker in de zachte ondergrond. In de gebiedsofferte die we nu maken nemen we ook andere elementen mee. Bijvoorbeeld het behoud van landschapselementen, zoals pestbosjes, en het aanleggen van klompenpaden langs de agrarische gebieden. Ik vind het goed dat de provincie het agrarisch natuurbeheer aan collectieven gaat overlaten, in plaats van contracten af te sluiten met individuele boeren. Op die manier kun je het gebied in zijn geheel versterken. Wij hebben iemand in dienst die uitzoekt waar maatregelen het meest zinvol zijn. Zo komt het geld van de provincie op de goede plek terecht en is de natuur er het meest bij gebaat.”

Meer informatie