Algemeen

Editie 4 - September 2014

Utrecht koestert erfgoedparels

De Romeinse Limes, forten, buitenplaatsen, kerken, molens: in onze regio kun je 2000 jaar geschiedenis zien. Een rijkdom die ook nog eens economisch voordeel oplevert: van elke euro die we in erfgoed investeren komen er drie terug. Daarom zorgt de provincie goed voor de erfgoedparels. Eind 2013 is het geld uit het Parelfonds verdeeld over twaalf prachtige Utrechtse buitenplaatsen.

Bekijk in het magazine

Het Parelfonds

Het Parelfonds heeft als doel bij te dragen aan de restauratie van monumenten binnen onze provincie. Vanaf 2008 is ruim 17 miljoen aan subsidie verstrekt voor grootschalige restauraties in de categorieën kerken, industrieel erfgoed en historische buitenplaatsen. Bij het verlenen van subsidies uit het fonds hanteert de provincie een aantal criteria, waarvan de belangrijkste zijn: de publieke toegankelijkheid, het economische perspectief en co-financiering van de eigenaar.

‘Een duurzame invulling is de kers op de taart’

Arno Boon, directeur BOEi: “Ik ben directeur van BOEi, een non-profit organisatie die zich bezighoudt met herbestemmen van industrieel erfgoed. Als eigenaar en verhuurder ben ik betrokken bij de restauratie en herbestemming van de Cereolfabriek. De Cereolfabriek is een rijksmonument, een erfgoedparel in Utrecht. Voor de restauratie en de herbestemming hebben we een subsidie gekregen uit het erfgoedparelfonds van de provincie Utrecht. Oorspronkelijk was de herbestemming van de fabriek woningen; de crisis en een brand in 2008 staken daar een stokje voor. Het zoeken naar een nieuwe oplossing voor bestemming is een leuke puzzel. Je kijkt vooral naar wat nodig is in de stad. Dat heeft geresulteerd in een invulling met verschillende functies zoals kantoorruimtes, een sportzaal, theatergelegenheid en de bibliotheek. Restauratie is een ding, maar dat is maar een halve oplossing voor onze rijksmonumenten. Een duurzame invulling is de kers op de taart. De Cereolfabriek heeft wortels in de wijk, maar een uitstraling naar de hele stad. Ooit was het een fabriek waar veevoer geproduceerd werd, nu is het het kloppend hart van Utrecht West.”

De officiële opening is vrijdag 26 september.

Landgoed Gunterstein Breukelen

Het Hollands classicistische huis op de buitenplaats Gunterstein is waarschijnlijk ontworpen door architect Adriaan Dortsman in de zeventiende eeuw. In 1793 is er een park aangelegd in de Engelse landschapsstijl en deze is in 1849 door architect S.A. van Lunteren aangepast. Het park zal gedeeltelijk hersteld worden. Tevens wordt de tabaksschuur in de tuin van Johan van Oldenbarneveld (eigenaar van het landgoed van 1611 tot 1619) gerestaureerd. De provincie stelt voor deze restauraties € 100.000,- ter beschikking.

Landgoed Doornburgh Maarssen

Het landgoed Doornburgh met achttiende-eeuws huis is sinds 1957 in eigendom van de Kanunnikessen van het Heilige Graf. Op het landgoed ligt eveneens de tussen 1964 en 1966 gebouwde priorij (tweede huis van een bestaand huis), ontworpen in de stijl van de Bossche School door Jan de Jong en Dom van der Laan. De priorij is reeds gemeentelijk monument en is in september jl. aangewezen door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed als één van de 90 jonge rijksmonumenten. Het dak en het voegwerk van het gebouw moeten gerestaureerd worden. De provincie stelt voor deze restauratie €150.000,- ter beschikking.

Landgoed Vijverhof Zeist

Op het oorspronkelijke Prins Hendrikoord liet de Amsterdamse bankier Aldolphe Boissevain in 1909 door Dirk Frederik Tersteeg een tuin aanleggen in oud-Hollandse stijl. Deze geometrische tuin is een van Tersteegs vroegere werken en is (volgens de kenmerkende principes van de Nieuw Architectonische stijl) gemaakt met gemetselde keermuurtjes, trappartijen, pergola’s en waterbassins. In 1924 wordt Prins Hendrikoord in drie stukken gesplitst, waaronder de nieuwe buitenplaats Vijverhof. De Tersteegtuin komt dan bij de Vijverhof. Deze tuin verkeert in slechte staat en wordt gerestaureerd, waarbij ook eerdere restauraties en toevoegingen gerespecteerd worden. De provincie stelt €180.000,- beschikbaar voor de restauratie van de historische tuin.

Landgoed Vollenhoven De Bilt

Het landgoed Vollenhoven was oorspronkelijk een boerderij van het klooster Oostbroek. In de zeventiende eeuw werden delen van het land verkocht. Het huidige huis met de verschillende bijgebouwen is gebouwd in het eerste decennium van de negentiende eeuw door een onbekende architect. Toen is ook een park aangelegd in de Engelse landschapsstijl. De architect hiervan is waarschijnlijk Hendrik van Lunteren. Op het landgoed bevindt zich ook de in 1806 aangekochte boerderij Den Eijck. Den Eijck is de overplaats van het landgoed en ligt aan de overkant van de Utrechtseweg. Achter deze boerderij staat een roodbakstenen stal. Dit uit c.a. 1805 daterende rijksmonument bevindt zich in zeer slechte staat, evenals een van de bruggen op het landgoed (de brembrug). Voor de restauratie van deze twee objecten stelt de provincie Utrecht € 120.000,- ter beschikking.

Landgoed Sandwijck

Het Landgoed Sandwijck bevindt zich op grond die oorspronkelijk eigendom was van het klooster Oostbroek. In 1770 werd er een buitenplaats neergezet. De eerste aanleg van het park stamt uit het einde van de 18e eeuw en is door tuinarchitect J.H.J. van Lunteren in de Engelse landschapsstijl aangelegd met slingerende waterpartijen glooiingen, boomgroepen, veel paadjes met onverwachte hoekjes en fraaie zichtlijnen. Bij Landgoed Sandwijck worden naast de voorkant ook het binnenpark en de waterpartijen gerestaureerd. De provincie stelt in totaal € 600.000,- beschikbaar voor de restauratie van de verschillende groenstructuren binnen de vier projecten van Het Utrechts Landschap: Landgoed Oostbroek, landgoed Sandwijck, kasteel Renswoude en buitenplaats De Breul.

Landgoed Oostbroek

Landgoed Oostbroek kwam in 1676 in handen van P. Ruijsch die het bestaande huis liet verbouwen tot buitenhuis. In 1887 werd het oude huis gesloopt en ontwierp I.H.J. van Lunteren een nieuw huis in neorenaissancestijl. Tevens veranderde hij de park aanleg waarbij hij in het ontwerp de van oorsprong middeleeuwse omvang en verkaveling en een aantal elementen uit de 18e eeuwse formele aanleg respecteerde. In 1980 is de tuin rondom het huis door Copijn opnieuw vormgegeven, de Kloostertuin werd in fases opnieuw ingericht. De moestuinen zijn ingericht als boomgaard en kruidentuin. In 2011 heeft landschapsarchitect Michael van Gessel een restauratieplan voor het park van Oostbroek gemaakt. De provincie stelt in totaal € 600.000,- beschikbaar voor de restauratie van de verschillende groenstructuren binnen de vier projecten van Het Utrechts Landschap: Landgoed Oostbroek, landgoed Sandwijck, kasteel Renswoude en buitenplaats De Breul.

Broeder- en Zusterplein Zeist

De leden van de evangelische broedergemeente, de hernhutters, bouwden rond 1750 woonhuizen, winkels, werkplaatsen, een bierbrouwerij, een textielhandel en een kerk op een deel van de gronden van Slot Zeist. Dit plein wordt dan ook het Broeder- en Zusterplein genoemd. De broedergemeente ontstond in de 15e eeuw in Moravië (huidige Tsjechië) en had een missionair karakter. Vanuit het Duitse Herrnhut trokken zij naar Amsterdam om daar vandaan verder te reizen. Omdat zij soms wekenlang op een schip moesten wachten, was er behoefte aan een vaste vestigingsplek in Nederland. In 1967 woedde er een grote brand waardoor delen van de bebouwing werden verwoest. De woonhuizen werden weer opgebouwd. Inmiddels is er geen bedrijvigheid meer in de werkplaatsen, maar worden de gebouwen aan andere ondernemers verhuurd. De bijdrage uit het Parelfonds wordt besteed aan de monumentale pleinen die worden hersteld.De provincie reserveert € 300.000,-.

Parken Oud- en Nieuw Amelisweerd

De parken Oud- en Nieuw Amelisweerd en Rhijnauwen zijn de drukst bezochte buitenplaatsen binnen onze provincie maar ze raken in verval. Met de inzet van het Parelfonds helpt de provincie om het verwaarloosde groen op te knappen. Rondom de landgoederen Oud- en Nieuw Amelisweerd en Rhijnauwen liggen prachtige groenstructuren die in de vroege landschapsstijl zijn aangelegd. De parken van de landgoederen lopen in elkaar over en vormen een samenhangend geheel. Nadat in voorgaande jaren het huis Oud-Amelisweerd is gerestaureerd, inclusief het prachtige Chinese behang, worden nu de tuinen, de paden, de waterlopen en de bruggen opgeknapt. Daarnaast worden het huisbos van Rhijnauwen, de huistuin van Nieuw-Amelisweerd en de historische fruitmuur in de moestuin van Nieuw- Amelisweerd onder handen genomen. De provincie verleent € 700.000,- aan de restauratie van het groen.

Rhijnauwen Utrecht

De parken Oud- en Nieuw Amelisweerd en Rhijnauwen zijn de drukst bezochte buitenplaatsen binnen onze provincie maar ze raken in verval. Met de inzet van het Parelfonds helpt de provincie om het verwaarloosde groen op te knappen. Rondom de landgoederen Oud- en Nieuw Amelisweerd en Rhijnauwen liggen prachtige groenstructuren die in de vroege landschapsstijl zijn aangelegd. De parken van de landgoederen lopen in elkaar over en vormen een samenhangend geheel. Nadat in voorgaande jaren het huis Oud-Amelisweerd is gerestaureerd, inclusief het prachtige Chinese behang, worden nu de tuinen, de paden, de waterlopen en de bruggen opgeknapt. Daarnaast worden het huisbos van Rhijnauwen, de huistuin van Nieuw-Amelisweerd en de historische fruitmuur in de moestuin van Nieuw- Amelisweerd onder handen genomen. De provincie verleent € 700.000,- aan de restauratie van het groen.

Buitenplaats De Breul

De Breul vormt een ‘Complex historische buitenplaats’ waarbij het hoofdgebouw (Huis De Breul), historische tuin- en parkaanleg, koetshuis, ijskelder, brug, en stenen hekpijlers als Rijksmonument zijn aangewezen. De parkaanleg in Landschapsstijl is van hoge kwaliteit en hoewel dit een gebruikelijke stijl was in de 19e eeuw, behoort De Breul tot een van de topstukken onder de buitenplaatsen van de Stichste Lustwarande door de relatieve onaangetastheid. De bekende en gelauwerde tuinarchitect J.D. Zocher jr. zou bij de aanleg betrokken zijn geweest. De provincie stelt in totaal € 600.000,- beschikbaar voor de restauratie van de verschillende groenstructuren binnen de vier projecten van Het Utrechts Landschap: Landgoed Oostbroek, landgoed Sandwijck, kasteel Renswoude en buitenplaats De Breul.

Kasteel Renswoude

Het kasteel Renswoude stamt uit de tweede helft van de veertiende eeuw en komt, nadat Renswoude in 1536 als ridderhofstad wordt erkend, in handen van de familie Van Reede. In 1654 wordt het oude slot vervangen en een nieuw kasteel gebouwd. Het kasteelpark was aanvankelijk in Hollands-classicistische stijl aangelegd en is aan het eind van de 18e eeuw gewijzigd in een Franse barokstijl. Rond 1816 is het park naar de Engelse landschapsstijl aangepast, vermoedelijk door J.D. Zocher. Op dit moment zijn de verschillende tuinstijlen nog goed zichtbaar. De provincie stelt in totaal € 600.000,- beschikbaar voor de restauratie van de verschillende groenstructuren binnen de vier projecten van Het Utrechts Landschap: Landgoed Oostbroek, landgoed Sandwijck, kasteel Renswoude en buitenplaats De Breul.

Meer informatie