Bestuur en organisatie

Editie 6 - Januari 2015

Wat je ziet, ruikt en hoort in één wet

In 2018 komt er één integrale Omgevingswet. Deze wet gaat over alles wat we om ons heen zien, horen en ruiken. Denk bijvoorbeeld aan bodem, water, geur, natuur en cultureel erfgoed. De wet heeft als doel om bestuurders eenvoudiger en beter te laten beslissen zodat de leefomgeving nog optimaler kan worden benut en beschermd.

Bekijk in het magazine

Waarom een nieuwe Omgevingswet?

Het wetsvoorstel voor de nieuwe Omgevingswet beoogt een vereenvoudiging van het huidige stelsel van wetgeving voor de ontwikkeling en het beheer van de leefomgeving. Tientallen wetten en honderden regels worden daarom gebundeld in één nieuwe wet.

Het wetsvoorstel betekent een aanzienlijke inhoudelijke reductie van regels op het terrein van water, lucht, bodem, natuur, infrastructuur, gebouwen en cultureel erfgoed. Burgers, ondernemers en overheden ervaren het huidige omgevingsrecht vaak als ingewikkeld en onduidelijk. Doordat het omgevingsrecht erg complex is, is er ook sprake van lange proceduretijd, hoge kosten en onduidelijkheid rond voorgenomen ruimtelijke projecten. Daarnaast is er weinig ruimte voor maatwerk of vernieuwing. Hierdoor lopen projecten vast of ondervinden ze vertraging. Dat is nadelig voor alle betrokkenen en voor de economie.

Duurzaam, flexibel en actief

Projecten worden in de nieuwe Omgevingswet in samenhang en per gebied aangepakt. Procedures mogen niet meer eindeloos duren en de regelgeving moet voorspelbaar en transparant zijn. Zo kunnen onderzoekslasten aanzienlijk worden verminderd.

Veel regels zijn verouderd en staan innovatieve ontwikkelingen, bijvoorbeeld gericht op duurzaamheid, in de weg. Het nieuwe omgevingsrecht ondersteunt en stimuleert juist de transitie naar een duurzame samenleving. Maar ook: wat goed is voor de ene regio, is lang niet altijd geschikt voor de andere. Het nieuwe omgevingsrecht is flexibel, waardoor provincies en gemeenten regionaal en lokaal maatwerk kunnen leveren.

De Omgevingswet gaat regels bundelen en vereenvoudigen. Wat levert dat op?

  • snellere en betere besluiten
  • samenhang in het beleid
  • meer ruimte voor maatwerk
  • betere kwaliteit van besluiten
  • minder regels, planvormen en procedures
  • minder onderzoek en toetsingskaders
  • meer duidelijkheid, inzicht en gemak voor de gebruiker door digitalisering

Een expertmeeting

Op 6 november 2014 hield de Provinciale Commissie Leefomgeving (PCL), advies-commissie van de provincie Utrecht, een expertmeeting over de Omgevingswet. Diverse deskundigen op het gebied van woningbouw, gebiedsontwikkeling, milieu en juridische zaken gaven enthousiast hun visie op de kansen en dilemma’s van de Omgevingswet voor de provincie Utrecht. De PCL verwerkt de resultaten in een advies voor de provincie.

‘Visie op een vitaal buitengebied’

Herman Geerdes, wethouder Ruimtelijke Ordening in Houten, is heel positief over de Omgevingswet. Sterker nog, hij is al met buurgemeenten Bunnik, Wijk bij Duurstede en Utrechtse Heuvelrug aan de slag met een omgevingsvisie, vooruitlopend op de nieuwe wet. Geerdes heeft ook een kritische noot: ‘Je moet geen nietje slaan door de nieuwe Omgevingswet en dat is het dan. Het gaat om de geest van de wet. In mijn ogen is het een hulpmiddel om sneller, eenvoudiger en integraal een vitaal gebied te creëren.

Lokaal initiatief

Hij kijkt daarvoor vooral naar initiatieven van de bevolking zelf: ‘Met hun ideeën in de hand ontwikkelen we een visie op wat nodig is voor een vitale omgeving. Dat wordt dan het kader waaraan we initiatieven gaan toetsen.’ Geerdes vindt overigens dat de provincie de Omgevingswet ook moet gebruiken om gebiedsvisies te verwezenlijken. ‘Nu richt de provincie zich nog vrij star op de bestaande gebiedsplannen als de Provinciale Ruimtelijke Structuurvisie (PRS).’

Kans om te floreren

Geerders ziet grote kansen in de Omgevingswet om leefbare kernen te behouden in het buitengebied. ‘De voetbalclubs, supermarkten en schooltjes daar moeten floreren. Als je bijvoorbeeld snel en soepel plannen als woon-zorgcombinaties in leegstaande boerderijen kunt realiseren en de lokale meubelmaker aan huis laat werken, blaas je weer leven in het buitengebied.’

‘Een Stradivarius helpt niet als je geen viool kan spelen’

Bas van de Griendt is milieumanager bij Bouwfonds Ontwikkeling en heeft een uitgesproken mening over de Omgevingswet: ‘Een mooi instrument als de Omgevingswet levert op zich geen verbetering op, het gaat erom hoe je ermee omgaat. Je kunt een Stradivarius bezitten, maar als je geen viool kan spelen, houdt het op.’

Lokaal beslissen

Van der Griendt: ‘Soms hoort het bij een omgeving: een beetje geluidsoverlast of bijvoorbeeld bodemverontreiniging. Er wordt nu eenmaal geen absolute veiligheid meer gegarandeerd. Vraag is alleen welke risico’s we wanneer accepteren. De Omgevingswet biedt hopelijk de ruimte om daarin eigen locatiespecifieke afwegingen te maken. In een groeikern als Houten zal men bijvoorbeeld veel minder geluidsoverlast accepteren als in de binnenstad van Utrecht. Als we die afwegingen op de plek maken waar het speelt, zie ik veel kansen voor de Omgevingswet: het levert snelle beslissingen en ruimte voor nieuwe initiatieven op.’

Meer informatie